De ondergang
De ondergang
De grote nieuwe roman over de dood van de broer van Édouard Louis. De ondergang is het indrukwekkende slot van zijn serie romans over zijn familie.
'Mijn broer bracht een groot deel van zijn leven door met dromen. In zijn arme arbeidersmilieu stelde hij zich voor dat hij een wereldberoemde ambachtsman zou worden, dat hij zou reizen, een fortuin zou verdienen, en dat zijn vader, die uit zijn leven was verdwenen, zou terugkeren en van hem zou houden.
Hij heeft niet een van zijn dromen kunnen verwezenlijken. Hij wilde meer dan wie ook zijn leven ontvluchten, maar niemand had hem geleerd te vluchten, en alles aan hem, zijn brutaliteit, zijn gedrag tegen vrouwen, tegen andere mensen, belette hem dat te doen; er restten hem niets dan gokken en alcohol om te vergeten.
Op zijn achtendertigste, na jaren van tegenslagen en depressie, werd hij dood gevonden op de vloer van zijn kleine studio.
Dit boek is het verhaal van een ondergang.' Édouard Louis
Details
229 p.
Besprekingen
De Standaard
Het zal je maar overkomen: je kind wordt schrijver, hangt in zijn proza de vuile was van het gezin buiten en scoort daarmee een internationale bestseller. De familie Bellegueule uit het Noord-Franse gehucht Hallencourt is er nog steeds niet goed van. Hun zoon Eddy schreef tien jaar geleden zijn jeugdjaren van zich af, portretteerde zijn verwanten als een stel marginalen en werd op zijn 21ste een auteur van wereldfaam met Weg met Eddy Bellegueule . Dat deed hij in de gedaante van Edouard Louis, een pseudoniem dat vervolgens zijn officiële naam werd.
De provinciale jongeman veranderde in een wereldwijze Parijzenaar, maar bleef uit hetzelfde autobiografische vaatje tappen. In Ze hebben mijn vader vermoord schreef hij over Bellegueule senior en in Strijd en metamorfose van een vrouw en Monique ontsnapt over zijn moeder. Zijn eigen lotgevallen kwamen aan bod in De geschiedenis van geweld en Veranderen: methode .
De ondergang , zijn zevende werkstuk, verscheen zopas in een Nederlandse vertaling. Het is het verhaal van de aftakeling en het overlijden van zijn oudere broer, die op 38-jarige leeftijd stierf aan de gevolgen van drankmisbruik. Niet dat zijn dood de schrijver veel kon schelen. De openingszin laat er geen twijfel over bestaan: zijn broer liet hem volkomen onverschillig. Sterker nog, Louis haatte die drankverslaafde mislukkeling, die geen werk kon houden, niet vies was van geweld tegen vrouwen en een onverzoenlijke haat koesterde tegen homo's, hoewel hij behalve gewelddadig en onuitstaanbaar ook best zielig was, en op gezette tijden ook aardig en behulpzaam kon zijn.
Waarom slaagde zijn broer er niet in zich aan zijn lot te ontworstelen? Louis gaat op onderzoek uit, boort zijn herinneringen aan, verzamelt getuigenissen en gaat te rade bij een stel ex-vriendinnen van zijn broer. Als trouwe discipel van de socioloog Pierre Bourdieu zoekt hij zijn antwoorden doorgaans in de sociaal-deterministische hoek. Zijn personages worden steevast beschreven als willoze slachtoffers van kansarmoede en uitsluiting. De schuld ligt nooit bij hen, maar altijd bij de heersende klasse. Ook nu zoekt Louis in eerste instantie naar sociologische verklaringen, maar deze keer wendt hij zich ook tot Sigmund Freud en bekende psychiaters als Ludwig Binswanger en Hubertus Tellenbach. Antwoorden levert dat weliswaar nauwelijks op.
Gortdroog
De ondergang moet het vooral hebben van de minimalistische esthetiek en de gortdroge, klinische stijl waarmee de schrijver zijn familie op armlengte houdt. Het korte leven van zijn onfortuinlijke broer laat zich samenvatten in zestien 'feiten', die fungeren als kapstokken om een en ander aan op te hangen. Het wordt van naaldje tot draadje beschreven, maar zijn naam wordt op geen enkel moment genoemd, wat de tekst een kille afstandelijkheid verleent.
Soms trapt Louis een open deur in (“Zijn lichaam lag op de grond omdat zijn hart niet meer klopte”) of bezondigt hij zich aan ingewikkelddoenerij (“En als mijn broer op zijn achtendertigste nu eens niet was overleden door sociaal determinisme, maar door een complicatie in het normale functioneren van de sociale krachten?”), en om een duistere reden worden enkele volstrekt nietszeggende zinnen nadrukkelijk herhaald in cursief.
Toch levert deze analyse van een mislukt leven een bijzonder geslaagd boek op. Dat komt doordat Louis, die bekendstaat om zijn radicale standpunten, zich hier voor het eerst van een minder stellige kant laat zien. Is zijn broer ten prooi gevallen aan een overgeërfde aanleg voor verslavingen of is zijn lot klassengerelateerd? Is hij een slachtoffer van het systeem of van zijn karakter? “Ik weet het niet,” schrijft de auteur, “alles is ingewikkeld in dit verhaal, iedereen heeft gelijk en iedereen heeft ongelijk.” Maar goed ook, want literatuur gedijt slecht op zekerheden en vooringenomenheid. Geen betere voedingsbodem dan twijfel.
Behalve de meest geslaagde is De ondergang ook de laatste aflevering van zijn familiesaga, liet Louis inmiddels op sociale media weten. Nu hij het verhaal van zijn verwanten tot op het bot heeft afgekloven, is het tijd voor iets nieuws.
EDOUARD LOUIS De ondergang Vertaald door Kiki Coumans, De Bezige Bij, blz., € 22,99 (e-boek € 12,99) Oorspr. titel: 'L'effondrement'